Tijdens mijn opleiding tot onderwijzer werd er gewaarschuwd om zich niet te binden aan één of meerdere methodes. Om lessen voor te bereiden moest er worden vertrokken vanuit leerplandoelen. Er kon weliswaar worden gegrasduind bij verschillende methodes. Soms werden goed uitgewerkte ideeën ontdekt om lessen mee te spekken, maar creëren werd altijd beter bevonden dan kopiëren.
Enkele decennia geleden begon de invloed van methodes in het basisonderwijs toe te nemen. In veel scholen voelt men nu dat het moeilijk is geworden om lesactiviteiten te organiseren zonder die methodes. Vaak noemen leerkrachten en directeurs daarvoor drie redenen.

Vooreerst brak na de millenniumwissel een nieuwe doorlichtingspraktijk door. Bij beoordelingen van scholen begon planlast of bewijslast voor leerkrachten en directeurs zwaar door te wegen. Leerlingenresultaten leken minder van tel te zijn. Veel dossiers, lijsten of verslagen moesten bij elke controle door een analysemolen. Inspecteurs gingen na of er werd voldaan aan de nieuwe voorschriften, vooral over hoe het basisonderwijs moest worden georganiseerd. Wie bleef werken met eigen aanpakken, methodes of leermiddelen had plots een heleboel plan-of bewijslast op de plank.

Uitgeverijen begonnen het gevraagde bewijsmateriaal (planningen, oplijstingen, leermiddelen, opgelegde werkvormen, tijdsaanduidingen, evalutiesystemen, differentiatiemodules, remediëring e.d.) aan te leveren bij aankoop van aangepaste (gecertificeerde) methodes. Om weer meer ademruimte te krijgen gingen veel scholen daarop in.
Een tweede nu vaak gehoorde reden om systematisch methodes in te schakelen is de toename van het aantal vervangingen in het onderwijs. Hoe gaat men daar organisatorisch mee om? Met methodes wordt meer stabiliteit en een groter comfort ervaren. Vervangers kunnen gemakkelijker en sneller worden gebriefd over uit te voeren lesopdrachten als leerkrachten om één of andere reden uitvallen.
Een derde reden om voor bepaalde methodes te kiezen, is het aanbod van goed uitgebouwde oefen- en automatisatiesites. Daar kan handig gebruik van worden gemaakt, op elk moment, individueel of in groep.
Toch mag de vraag worden gesteld of het zinvol is om kant-en-klare lesmethodes met alles erop en eraan op te leggen aan volledige leerkrachtenteams of scholengemeenschappen. Initiatief en creativiteit verdienen het niet om onder de korenmaat te worden gezet, ook niet in het onderwijs. De akker mag niet ontvolken. Verplicht in te vullen leerwerkboeken en methodetoetsen kunnen kansen ontnemen om in te spelen op de nieuwste ontdekkingen, ontwikkelingen en inzichten. Overschrijfbordboeken en invulboeken kunnen niet inschatten wanneer het beter is om appels in stukken te snijden tijdens de les, schema’s te tekenen of abstract bezig te zijn. Waarom datzelfde invulwerk van iedereen blijven verwachten om enkel te kunnen aantonen dat de lessen volgens het boekje werden gegeven?

Hoe romantisch visieteksten en schoolsites ook lijken te zijn, opgelegde methode-uniformiteit, invuldidactiek en stapels methodetoetsen vertrekken vanuit andere noden dan die van de leerlingen.
Dat er door de overheid wordt gecontroleerd of de curricula goed worden gevolgd is oké, maar de overmatige evaluatie- en bewijslast voor leerlingen, leerkrachten en scholen heeft tot nu toe weinig zoden aan de dijk gebracht. Decennialang werden de dalende scores zelfs onder de mat geveegd en bleven beleidsmakers van hetzelfde laken een broek maken. Daar komt nu verandering in.
Graag eindig ik met enkele voorstellen om methoditis te vermijden. Er bestaan zinvolle commerciële leermiddelen op basis van een gevalideerd doelenkader. Gun de methodes aan wie ze als lesgever, vervanger, beginner of zijinstromer nodig heeft, of er zich comfortabel bij voelt. Laat andere lesgevers vrij om creatief schoolwerk op basis van datzelfde doelenkader, gedegen inhoud en duurzame expertise te verrichten of uit te wisselen. Bouw planlast of bewijslast i.v.m. (eigen) leermiddelen en onderwijsleerprocessen af (voor en tijdens doorlichtingen). Werk meer op basis van vertrouwen en realistische verwachtingen wat leerlingenresultaten betreft.
Dank aan alle actoren die zich met passie, creativiteit, gezond verstand en vertrouwen dagelijks inzetten om leerlingen te doen bloeien en groeien!

Geef een reactie