Bestonden ze maar… die woorden. Iemand toetert ze rond en problemen worden weggetoverd. Helaas… toveren is moeilijker dan toeteren, ook in het onderwijs. Toch toeteren we hier even over twee woorden die bij ons en onze buurlanden of nabije regio’s min of meer een toverstatus hebben verworven. Het gaat over differentiatie en professionalisering.
Hoempafala
Differentiatie is zo oud als de straat en komt overal voor, van de competitieve Yellow Tigers tot de recreatieve Seagreen Cats, van de fanfare Hoempafala tot het Budapest Festival Orchestra en van de Tafel van één tot het Vermoeden van Hodge. Trainen, repeteren of tellen op verschillende niveaus… het is van alle tijden.
Differentiatierevolutie
Een dikke dertig jaar geleden greep er een differentiatierevolutie plaats in ons onderwijs. Leerlingen van soms erg uiteenlopende niveaus moesten toen samen beginnen trainen, repeteren of tellen.

Differentiatie kreeg de status van wondermiddel, waarbij problemen rond ongelijkheid zouden smelten als sneeuw voor de zon. Maar ze smolten niet. Ongelijkheid nam toe door een teveel aan differentiatie binnen de klas en bijgevolg een tekort aan lesgeven. Magjesinvulboeken werden verkocht als zoete broodjes en de vraag ‘Moet dat?’ begon zichzelf te vermenigvuldigen. Dit pakte nadelig uit, vooral voor de leerkansen van sociaal kwetsbare leerlingen.
Koning Filip
Differentiatie bij het leren of verwerken van inhouden is nogal evident, maar bij het lesgeven voor een groep is het dat veel minder. Hoe zit het trouwens met differentiatie in het dagelijkse leven wanneer onze leerlingen de schoolbanken verlaten en hoe leren we ze daarmee om te gaan? Ik ben opgelucht dat ik in de winkel niet de helft minder voor een kilo appels moet betalen dan mijn buurman. Koning Filip zal de Belgen tijdens zijn kerstboodschap waarschijnlijk niet onderverdelen in niveaugroepen en de laatste keer dat ik Herman Van Veen live aan het werk zag, werden er geen gedifferentieerde verwerkingsmomenten voorzien.
Krabben
Stel je een herberg voor waar men al jaren gezonde dagschotels serveert aan een democratische prijs. De herbergier krijgt na verloop van tijd mensen over de vloer die hem aansporen om te werken met een uitgebreide, gedifferentieerde menukaart… voor elk wat wils… vlees, vis, vegetarisch, veganistisch, halal, biologisch, met of zonder gluten, zout, lactose, suiker, … en noem maar op… niets mis mee… maar… aan dezelfde prijs van de vroegere dagschotels! Aan dezelfde prijs? De herbergier krabt even in zijn haar, voor zover het nog niet is uitgevallen, en heeft dan verschillende mogelijkheden: ofwel stopt hij ermee, ofwel bespaart hij op zijn ingrediënten (waardoor de kwaliteit gegarandeerd achteruit gaat), ofwel voert hij de slavernij weer in.

Cohorten
In het recente inspectierapport Planlast (verschenen in Onderwijsspiegel 2024) lezen we dat individuele leerpaden het allerhoogst scoren als planlastveroorzaker. Er is gewoon meer volk op de werkvloer nodig om het gevraagde allemaal te kunnen waarmaken. Dat lesgevers dit op hun eentje of met hun tweetjes aankunnen is een utopie. Van alle mensen die rechtstreeks of onrechtstreeks op de betaalrol staan van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming worden daarom best meer mensen met rechtstreekse verantwoordelijkheid bij de leerlingen ingezet dan nu het geval is. Stress, overspannenheid en burn-outs in de scholen zijn legio. Sinds de millenniumwissel staan ‘psychosociale oorzaken’ op nummer één bij zieke personeelsleden van het Vlaamse onderwijs. Men mag toeteren dat leerkrachten en directeurs er niet alleen voor staan… het is intussen duidelijk geworden dat het nog altijd niet overloopt aan verse cohorten om bij te springen in klassen of scholen.

Verbindend
We zijn allemaal uniek. Dat is waar. Maar toch gelijken we in sommige opzichten goed op elkaar. Precies op die gelijkenissen kan het onderwijs verbindend en met meer ademruimte inspelen, net zoals de sympathieke Cats, het Budapest Festival Orchestra en de-Tafel-van-eners, die dan kunnen leren, sporten, musiceren of tellen op eigen en door velen gewaardeerde niveau.
Ontscholing
Een ander woord (in deze tijden met een groeiende toverstatus) is professionalisering, eveneens zo oud als de straat. Professionalisering komt overal voor, klinkt positief maar kan soms ook verkeerd uitdraaien. Wie de eerste jaargangen van het overheidstijdschrift Klasse (jaren negentig) doorbladert, zal merken dat er vaak een eerder ontscholende visie school achter wat toen door het beleid aan professionalisering werd verplicht. Klassikale instructie, automatisatie en memorisatie moesten bijvoorbeeld in het verdomhoekje, maar dat was weer vooral nadelig voor kinderen waar thuis weinig pedagogische investeringen voorkwamen of mogelijk waren.
Waarheden
Die ingrepen in het onderwijs zijn met goede bedoelingen gebeurd. Voor zover ik weet was er niemand die zei: ‘We zullen de komende dertig jaar nu eens middelmatig onderwijs organiseren.’ Academici of experten houden er altijd verschillende meningen en theorieën op na, ook over onderwijs. Gelukkig maar. Er zal altijd openlijk worden geworsteld met academische ‘waarheden’ en overheidsbeslissingen, behalve in dictaturen waar dit verboden en vaak slecht voor de gezondheid is.
Pannenkoeken
Bij wie moet er nu worden aangeklopt voor professionalisering? Wie wordt uitgenodigd om het uit te leggen in de media of op ouderavonden? De voorbije decennia is een groot aanbod van coaching en professionalisering van diverse kwaliteit gegroeid. Daartoe werd en wordt behoorlijk wat geld op tafel gelegd. Dat scholen en leerkrachten nu omzichtiger omgaan met advies en professionalisering is verstandig. Het is een meevaller als inspecteurs daar eveneens begrip voor hebben. In de begeleidende Open Brief van de Vlaamse Onderwijsinspectie (bij Onderwijsspiegel 2024) lezen we alvast (blz 7): ‘De verbreding van het ondersteuningsaanbod dreigt niet altijd bij te dragen tot verdieping: het risico om ‘van alles wat’ te plukken op de markt, en daarmee niet meer toe te komen aan duurzame verandering vanuit een duidelijke richting en visie, zet de professionalisering en ontwikkeling van het beleidsvoerend vermogen van scholen onder druk.‘
Een tijdje geleden werd door een Nederlandse docente treffend beschreven hoe er een lange periode werd gevraagd zand toe te voegen bij het onderwijsdeeg, en dat er nu vormingen worden georganiseerd om krakende korrels uit pannenkoeken te leren verwijderen. Als een bepaald verdienmodel kan dit wel tellen, maar niet als onderwijsmodel.(https://beroepseer.nl/blogs/eerst-zand-toevoegen-aan-pannenkoekendeeg-daarna-docenten-leren-de-korrels-uit-de-gebakken-pannenkoek-te-verwijderen/ ).
Blijfpremies
In Nederland bestaan er intussen professionaliseringswachtlijsten waar ook Vlaamse onderwijsmensen aanschuiven. Na het volgen van professionalisering keren sommige leerkrachten echter niet meer terug, omdat ze lucratievere jobs vinden buiten klas of school. Misschien moet er eens worden nagedacht over blijfpremies voor mensen die gewoon blijven of toch terugkeren. Ervaring opdoen door lessen te organiseren of te geven is immers eveneens een belangrijke vorm van professionalisering. Als die vloerprofessionalisering echter onvoldoende wordt gewaardeerd of gehonoreerd, kunnen directeurs of leerkrachten na een tijd het gevoel krijgen dat ze de hoorns van de professionaliseringskoe moeten vasthouden terwijl anderen haar melken.

Expertise
Er klopt iets niet wanneer expertise meer buiten dan in klas of school zou te vinden zijn. In het recente Nederlandse boek ‘Red het onderwijs!’ (van Anna Bosman, Sezgin Cihangir, Jan Drentje, Ton van Haperen, Paul Kirschner, Piet van der Ploeg, Jaap Scheerens en Theo Witte) lezen we op blz. 92: ‘Idealiter gaan adviseurs, richtinggevers en stippen-op-de-horizonzetters weer zelf voor de klas staan. De kans dat dit gebeurt is natuurlijk klein -een adviesbaan is vaak tamelijk comfortabel- en dus zal ook hier gewerkt moeten gaan worden met beperkende regulering en met meer toezicht op advieswerk.’

Uitstekend
Het weze duidelijk dat er ook in Vlaanderen wel degelijk navormers en expertisecentra zijn die uitstekend werk leveren en waarbij zandbakken niet hoeven te sneuvelen. Hun professionalisering is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek én ruime praktijkervaring, met aandacht voor vakkennis en effectieve didactiek. Lesgeven wordt er beschouwd als een stiel waarbij men met passie mag zoeken, op schouders van vroegere generaties, hoe men zoveel mogelijk leerlingen hoger kan tillen, met degelijke en voldoende instructie, los van enig dogma of doctrine, en met aandacht voor het installeren van voldoende basiskennis. Waardevolle elementen uit vernieuwingsbewegingen én waardevolle elementen die reeds langer in het onderwijs aanwezig zijn, vormen daarbij een brede basis waarop verder kan worden gebouwd. Men blijft er vooral aandacht hebben voor het primaire proces: het leren bij elke leerling.
Voorlopig
Professionalisering is geen wondermiddel. Hoe graag men het ook zou willen, maatschappelijke problemen kunnen er door het onderwijs niet in een handomdraai mee worden opgelost. Bij elke toekomstige professionalisering is het belangrijk om vooraf te weten hoeveel volk wordt weggetrokken uit, of liever toegeschoven naar de klas, volk mét volle verantwoordelijkheid (professionalisering, voorbereidingen, differentiatie, verbeteringen, registratie, rapportering, remediëring, oudercontacten, vergaderingen, schoolfeesten, werkgroepen en bewakingsopdrachten inbegrepen). Nogmaals: men mag nog zoveel (na)toeteren dat directeurs en leerkrachten er niet alleen voor staan of dat men het maar anders moet organiseren… er zijn weinig verse cohorten in zicht. Voorlopig toch.
Bestonden ze maar, de tovertoeterwoorden. Ze bestaan niet. Maar het goede nieuws is dat differentiatie en professionalisering niet in alle tijden onveranderlijk hoeven te blijven. Toeter daarom in het rond: wees niet bang voor de roep van het onderwijs. Er breken altijd nieuwe tijden aan. Vlakke loopbaan? Laat je dat maar niet wijsmaken! Kom erbij om te helpen met het oneindige onderwijsbouwwerk, desnoods als ‘legend’ met smoel. We hebben jullie passie en frisheid nodig! Woorden toveren niet. Mensen wel.

Plaats een reactie