In het boek Wat een leraar tot leraar maakt van Joris Vlieghe (https://www.lannoocampus.be/nl/wat-een-leraar-tot-leraar-maakt) wordt vanuit een wijsgerig-pedagogisch perspectief een portret van de leraar geschetst dat de waarde van het leraarschap positief benadrukt.
Men kan er interessante beschouwingen vinden rond een aantal belangrijke onderwijsvragen. Moet de leerling of de leraar centraal staan? Waarom is de school geen politiek instrument? Onderwijzen we vanuit gelijkheid of ongelijkheid?
We lezen op blz. 13: Met dit boek wil ik weerstand bieden aan de momenteel dominante opvatting waarin het leraarschap wordt gereduceerd tot het uitvoeren van heel precieze taken die zijn voorgeschreven door experts en beleidsmakers.

Het boek is m.i. een aanrader omdat het op schitterende en bemoedigende wijze weerstand biedt tegen de erosie van de stiel van het lesgeven. Ongeveer halverwege mijn loopbaan ervoer ik samen met heel wat collega’s hoe dit metier meer en meer in een hoek werd geduwd door invloedrijke experts en beleidsmakers. Werkvloerexpertise i.v.m. het gestructureerd aanleren van essentiële basiskennis en -vaardigheden werd toen grotendeels als passé beschouwd. Er volgde een lange periode van opgelegd, stressvol geharrewar en onvoorspelbare doorlichtingsverslagen of (leerlingen)rapporten op basis van te algemene en vage eindtermen of volatiele verwachtingen. De werk- en leeromstandigheden van veel directies, leerkrachten en leerlingen veranderden toen grondig en een aantal onderwijsmensen verlieten jammer genoeg de werkvloer. De lege plaatsen geraakten steeds moeilijker weer ingevuld.
Het is een vreemde vaststelling dat gedurende jaren weinig acties werden ondernomen om de negatieve gevolgen van deze wijzigingen aan te kaarten. Enkele officiële en minder officiële bakens vielen daarom des te meer op.
In 2007 organiseerde de vereniging O-ZON (Onderwijs Zonder ONtscholing) met boegbeeld Raf Feys een symposium in Gent. Enkele actiepunten uit het O-ZON-manifest: respect voor en vertrouwen in de professionaliteit en ervaringswijsheid van leerkrachten; herwaardering van basiskennis en basisvaardigheden; afbouw van bureaucratisering en grootschaligheid; …
In oktober 2021 werd in opdracht van het Departement Onderwijs en Vorming de Commissie Beter Onderwijs o.l.v. Philip Brinckman opgericht. De commissie publiceerde 58 concrete adviezen om een hand te reiken aan het vastgelopen onderwijsdenken.
In december 2023 bracht ook de Commissie van Wijzen o.l.v. Dirk Van Damme een rapport naar buiten waarin herhaaldelijk werd opgeroepen om opnieuw vertrouwen en ruimte te geven aan leraren. Bedoeling van het rapport was een antwoord te bieden op de erosie van de aantrekkelijkheid van en waardering voor het lerarenberoep.

Terug naar het wijsgerig-pedagogisch baken uit 2024: Wat een leraar tot leraar maakt van Joris Vlieghe (https://www.lannoocampus.be/nl/wat-een-leraar-tot-leraar-maakt. Als onderwijzer valt me volgende titel op in hoofdstuk 6 (blz. 174): De leerkracht lager onderwijs: geen geval apart, maar een uitzonderlijke toewijding aan wat de wereld van ons vraagt. De auteur onderscheidt hier drie zaken die van groot belang zijn in het lager onderwijs: ten eerste het bijbrengen van fundamentele routines (bijvoorbeeld leren lezen, schrijven en rekenen), ten tweede het verzorgen van leerlingen (aandacht voor persoonlijke noden) en ten derde het vormen van leerlingen (o.a. in lessen geschiedenis, aardrijkskunde, biologie, muziek, tekenen, hygiëne, meetkunde, verkeersopvoeding en nog heel wat meer). We lezen: Het gaat om een ingrijpend breukmoment. Er is een moment voor en een moment na. Wanneer je er toe komt te kunnen tekenen, zwemmen of lezen is de wereld plots haast onbevattelijk veel groter en rijker geworden. … Het kind beleeft als het ware een tweede geboorte omdat het onttrokken wordt aan de gevangenschap van de onmiddellijke leefwereld en de interesses die het nu eenmaal heeft. Het wordt iemand, en wel iemand die deel heeft aan een gedeelde wereld. … Zonder deze eerste vormingsdaad zal geen andere vorming meer volgen binnen een schools traject.
In juli 2025 werden in het Vlaams Parlement nieuwe minimumdoelen voor het (buitengewoon) basisonderwijs goedgekeurd. Koepels volgden met eigen nieuwe leerplannen. Zo kwam Katholiek Onderwijs Vlaanderen voor de dag met het nieuwe leerplan Op.Stap. In november 2025 keurde ook het Gemeenschapsonderwijs zijn nieuwe leerplan al goed en het recente leerplan Leer Lokaal van de Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten werd/wordt eveneens aangepast aan de nieuwe minimumdoelen.
Deze recente beleidsacties leiden tot irritaties bij een aantal onderwijsactoren. Gebetonneerde visies en aanpakken in onderwijsloopgraven worden nu immers minder ondersteund. Het is ook nog niet zo lang geleden dat vorige (dure) leerplannen of methodes (die nog voor een groot stuk waren geënt op dertig jaar oude eindtermen) in veel basisscholen moesten worden geïmplementeerd.
Perfecte curricula hebben nooit bestaan en zullen ook nooit bestaan. Toch bieden de nieuwe minimumdoelen en leerplannen m.i. kansen om het gevangen onderwijsdenken van de laatste 30 jaar verder te ontsluiten.

Als leerkrachten en directeurs weer worden benaderd als professionelen die in staat zijn om zelf na te denken, zal er meer ruimte zijn voor haalbaar en echt onderwijs.
Nog een laatste greep uit Wat een leraar tot leraar maakt van Joris Vlieghe (https://www.lannoocampus.be/nl/wat-een-leraar-tot-leraar-maakt) (blz. 29): Het is precies een onverwacht gebeuren of een sterk confronterende ervaring die opvoeding eerst mogelijk maakt, omdat je dan losgerukt wordt uit de gevangenschap van de zelfgerichtheid en omdat de logica van een afwikkeling van een reeds vastgelegde identiteit radicaal wordt onderbroken. Het betreft dan een botsen op iets dat groter en belangrijker is dan wat je tot dan toe waardevol achtte. Dit kan leiden tot een onverwachte wending in je leven, een nieuw begin, en soms zelfs een pijnlijke breuk met wat je spontaan geloofde.
Noch leerling noch leraar moeten centraal staan volgens de auteur. Wie of wat dan wel? Dit en nog veel meer kan u lezen in het boek.
Een fris onderwijs gewenst aan alle leerlingen, leerkrachten, directeurs, schoolbesturen, CLB-medewerkers, opleiders, begeleiders, inspecteurs, academici en zoekende onderwijsmensen!


Plaats een reactie